/

    • Op 30 april heeft de Rechtbank Noord-Nederland uitspraak gedaan op het beroep van een Syrische houder van een verblijfsvergunning asiel tegen de beslissing van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (via DUO) een boete à €500,– aan hem op te leggen omdat hij verwijtbaar niet tijdig zou hebben voldaan aan de inburgeringsplicht.

      De inburgeraar wilde namelijk inburgeren op een hoger niveau door het Staatsexamen Nederlands als Tweede Taal (programma I) af te leggen, waarvoor een hoger niveau Nederlands vereist is (B1) dan voor het inburgeringsexamen (A2). Hij heeft ook meer dan 300 uren taalcursus gevolgd bij een erkende instelling. De inburgeraar haalde alle onderdelen van het Staatsexamen, op het onderdeel ‘luisteren’ na. Zijn termijn om in te burgeren verliep nadat hij twee keer was gezakt voor dat onderdeel, dus hij besloot dat onderdeel op het lagere niveau van het ‘gewone’ inburgeringsexamen te halen, naast een extra onderdeel dat dan verplicht was om het inburgeringsexamen te halen. Hij slaagde voor deze onderdelen binnen zes maanden na het verlopen van de termijn.

      DUO bepaalde dat hij ‘verwijtbaar’ te laat had voldaan aan de inburgeringsplicht en legde dus een boete op. Hierdoor kwam hij ook niet meer in aanmerking voor kwijtschelding van de lening die hij had gekregen van DUO voor zijn taalcursus, waardoor hij opeens duizenden euro’s moest terugbetalen.

      De rechtbank bepaalde in haar uitspraak dat onder de omstandigheden, DUO de termijn had moeten verlengen. De rechtbank vernietigde de beslissing van DUO, stelde de boete op nihil vast en bepaalde verder dat de inburgeraar het geleende geld niet meer terug hoeft te betalen aan DUO.

      Voor vragen kunt u contact opnemen met de advocaat van de inburgeraar, Jeremy Bierbach  (van 3 tot 15 mei met vakantie, vragen kunnen naar juridisch medewerker Laurens Meijer meijer@franssenadvocaten.nl .)